Hoe wordt de rekening-courant behandeld bij een echtscheiding?
Welke echtgenoot moet de rekening-courant aanzuiveren (of krijgt die toebedeeld) als het tot een echtscheiding komt? En wat gebeurt er met een toename of afname ervan tijdens de afwikkeling van de echtscheiding?
I. De rekening-courant (rc)
De rekening-courant is een rekening in de boekhouding waarop transacties bijgehouden worden die leiden tot een tegoed of een vordering. Als u bijvoorbeeld uw loon niet volledig laat uitbetalen, dan heeft u voor het saldo een tegoed op uw vennootschap. Als u een privéfactuur laat betalen door de vennootschap, dan heeft u voor dat bedrag een schuld aan uw vennootschap. Bij een echtscheiding moet er rekening worden gehouden met die vordering of schuld. Hoe? Dat hangt af van het toegepaste huwelijksstelsel.
II. Wettelijk stelsel
Bent u gehuwd onder het wettelijk stelsel (scheiding van goederen en gemeenschap van aanwinsten) dan is de rc voor zover die werd opgebouwd tijdens het huwelijk gemeenschappelijk. Dat geldt ongeacht op naam van welke echtgenoot de rekening-courant staat.
Het is de stand van de rc op het moment dat de echtscheidingsprocedure begint (lees, de datum van de dagvaarding in echtscheiding of van de neerlegging van het verzoekschrift) die telt. Hier komen wel nog intresten bij tot het moment dat er een definitieve regeling is.
Gebeuren er na de dagvaarding in echtscheiding toch nog verrichtingen op de rc dan moeten die worden toegerekend aan de echtgenoot die de verrichting deed. De verrichtingen zijn dan persoonlijk, en niet meer gemeenschappelijk.
Om discussie te vermijden is het aangewezen om geen boekingen meer te doen op de rc na de datum van de dagvaarding in echtscheiding. Beter is om een nieuwe rc te maken voor alle transacties nadien zodat er geen ‘vermenging’ plaatsheeft.
In de praktijk zijn er meerdere mogelijkheden om een gemeenschappelijke rc te verdelen. Wat van belang is, is dat iedere echtgenoot recht heeft op de helft van de rc als het om een vordering op de vennootschap gaat. Omgekeerd zal iedere echtgenoot de helft van de rc moeten aanzuiveren als het om een schuld aan de vennootschap gaat. In de praktijk wordt meestal de rc toebedeeld aan de echtgenoot die actief blijft in de vennootschap waarbij er dan er een verrekening gebeurt in plus of in met de rest van de te verdelen zaken.
Gaat het om een vordering op de vennootschap die aan u wordt toebedeeld dan kunt u misschien argumenteren dat het onzeker is dat u die op termijn ook effectief gaat kunnen innen om zo een minwaarde in aanmerking te nemen.
III. Scheiding van goederen
Bent u gehuwd onder het stelsel van scheiding van goederen, dan valt normaal de rc in het eigen vermogen van de echtgenoot op wiens naam deze staat.
Een echtgenoot kan, als er in zijn of haar nadeel een vermogensverschuiving heeft plaatsgevonden, aan de andere echtgenoot op wiens naam de rc staat, een vergoeding vragen als er daarvoor een rechtsgrond is (bv. een schriftelijke afspraak, verrijking zonder oorzaak). Denk bv. aan het geval waarbij privégelden van de ene echtgenoot in de vennootschap terechtkwamen en geboekt werden op de rc van de andere echtgenoot.
-
Factuur betalen aan schoonmaakbedrijf/aannemer/bewakingsfirma: check eerst op schulden
Wie een factuur wil betalen van een aannemer, schoonmaakbedrijf of bewakingsfirma, moet nagaan of het bedrijf geen schulden heeft bij de sociale zekerheid of bij de Belastingen. Sinds 1 mei 2026 wordt daarbij ook rekening gehouden met onbetaalde sociale bijdragen van zelfstandigen bij het RSVZ.
-
Investeringen voor uw zaak sneller afschrijven: wat kan er?
Een investering met een beperkte levensduur boekt u niet in één keer als kost, maar via afschrijvingen. Daarbij spreidt u de aankoopprijs over de jaren waarin u de investering gebruikt, zodat de boekwaarde elk jaar daalt. Hoe korter die afschrijvingsperiode, hoe groter het bedrag dat u jaarlijks als kost kunt aftrekken.
-
In principe wordt een meerwaarde bij verkoop van privévastgoed niet belast
De nieuwe meerwaardebelasting geldt alleen voor financiële activa en dus niet voor vastgoed. Verkoopt u als particulier een privépand met winst, dan blijft die meerwaarde in principe belastingvrij. Daarvoor moet het pand wel privé gebruikt zijn, moet u rekening houden met de minimale bezitstermijn en mag er geen sprake zijn van speculatie.