Vriend leent geld aan uw vennootschap: wat is voor de uitlener het fiscaal voordeel in 2025?
Als een vriend of familielid geld leent aan uw vennootschap, dan kan hij, als hij dat doet in de vorm van een win-winlening (Vlaanderen), een prêt coup de pouce (Wallonië) of een proxilening (Brussel), in aanmerking komen voor een fiscaal voordeel.
De lening op zich is wel gekoppeld aan een aantal voorwaarden. De lening moet in de eerste plaats achtergesteld zijn, en uw vennootschap kan in dit systeem maximaal € 250.000 (Brussel en Wallonië) of € 300.000 (Vlaanderen) lenen. De uitlener kan in totaal ten hoogste € 75.000 (Vlaanderen), € 125.000 (Wallonië) of € 200.000 (Brussel) ter beschikking stellen. De looptijd van de lening is ook vastgelegd en bedraagt vijf tot tien jaar (Vlaanderen), vier, zes, acht of tien jaar (Wallonië), of vijf of acht jaar (Brussel).
Voor leningen afgesloten in 2025 moet de interestvoet minimaal 2,25% en maximaal 4,5% bedragen. Op de interesten dient de ontlener, uw vennootschap, 30% roerende voorheffing (rv) in te houden. Die rv is voor de uitlener zgn. bevrijdend en wordt daarop m.a.w. privé niet meer belast.
Uw vriend of familielid die de lening afsluit moet dat doen buiten het kader van zijn handels- of beroepsactiviteiten en mag geen werknemer zijn van uw vennootschap is. Bestuurders, zaakvoerders of aandeelhouders van de vennootschap komen in principe ook niet in aanmerking, noch de echtgeno(o)t(e) of wettelijk samenwonende partner daarvan.
Het fiscaal voordeel voor de geldschieter bestaat erin dat hij privé een jaarlijks belastingkrediet ontvangt van 2,5% (Vlaanderen), of de eerste drie (Brussel) of vier jaar (Wallonië) 4% en daarna 2,5%, berekend op het gemiddelde van het saldo op 1 januari en 31 december. Zowel in Vlaanderen, Wallonië en Brussel is er ook een eenmalig belastingkrediet als de lening niet (volledig) terugbetaald wordt, van 30% van het openstaande kapitaal.
Leent uw vriend in het kader van de Vlaamse win-winlening bv. € 20.000 tegen het minimale tarief van 2,25%, dan krijgt hij naast € 315 netto interesten (€ 450 bruto – 30% rv) via zijn privéaangifte in principe ook nog eens € 500 korting op zijn te betalen belastingen.
-
Factuur betalen aan schoonmaakbedrijf/aannemer/bewakingsfirma: check eerst op schulden
Wie een factuur wil betalen van een aannemer, schoonmaakbedrijf of bewakingsfirma, moet nagaan of het bedrijf geen schulden heeft bij de sociale zekerheid of bij de Belastingen. Sinds 1 mei 2026 wordt daarbij ook rekening gehouden met onbetaalde sociale bijdragen van zelfstandigen bij het RSVZ.
-
Investeringen voor uw zaak sneller afschrijven: wat kan er?
Een investering met een beperkte levensduur boekt u niet in één keer als kost, maar via afschrijvingen. Daarbij spreidt u de aankoopprijs over de jaren waarin u de investering gebruikt, zodat de boekwaarde elk jaar daalt. Hoe korter die afschrijvingsperiode, hoe groter het bedrag dat u jaarlijks als kost kunt aftrekken.
-
In principe wordt een meerwaarde bij verkoop van privévastgoed niet belast
De nieuwe meerwaardebelasting geldt alleen voor financiële activa en dus niet voor vastgoed. Verkoopt u als particulier een privépand met winst, dan blijft die meerwaarde in principe belastingvrij. Daarvoor moet het pand wel privé gebruikt zijn, moet u rekening houden met de minimale bezitstermijn en mag er geen sprake zijn van speculatie.