In 2026 als bedrijfsleider iets meer huur vragen aan uw vennootschap
Verhuurt u als bedrijfsleider een gebouw aan uw eigen vennootschap dan worden de ontvangen huurgelden die onder een bepaalde grens blijven bij u privé belast als onroerend inkomen. De huur die boven die grens gaat, wordt bij u belast als bedrijfsleidersbezoldiging (beroepsinkomen).
Die grens wordt bepaald op basis van het niet‑geïndexeerde kadastraal inkomen (KI) van het gebouw: niet‑geïndexeerd KI × 5/3 × revalorisatiecoëfficiënt. Blijft u met de door uw vennootschap betaalde huur onder dit bedrag, dan wordt alles bij u beschouwd als onroerend inkomen. Overschrijdt u deze grens, dan wordt het gedeelte boven die grens geherkwalificeerd naar een zwaarder belast beroepsinkomen.
De revalorisatiecoëfficiënt is dus essentieel om te berekenen hoeveel fiscaal interessante huur u aan uw vennootschap kunt vragen. Voor inkomstenjaar 2026 werd deze coëfficiënt verhoogd van 5,63 naar 5,75, wat neerkomt op een stijging van 2,1% t.o.v. 2025.Voor 2026 bedraagt het grensbedrag: niet‑geïndexeerd kadastraal inkomen (KI) × 5/3 × 5,75.
Herkwalificatie van onroerend inkomen naar beroepsinkomen vindt m.a.w. plaats zodra het huurinkomen hoger is dan 9,58 keer het (ongeïndexeerde) kadastraal inkomen (want 5,75 x 5/3 is 9,58) in plaats van 9,38 voor 2025.
-
Factuur betalen aan schoonmaakbedrijf/aannemer/bewakingsfirma: check eerst op schulden
Wie een factuur wil betalen van een aannemer, schoonmaakbedrijf of bewakingsfirma, moet nagaan of het bedrijf geen schulden heeft bij de sociale zekerheid of bij de Belastingen. Sinds 1 mei 2026 wordt daarbij ook rekening gehouden met onbetaalde sociale bijdragen van zelfstandigen bij het RSVZ.
-
Investeringen voor uw zaak sneller afschrijven: wat kan er?
Een investering met een beperkte levensduur boekt u niet in één keer als kost, maar via afschrijvingen. Daarbij spreidt u de aankoopprijs over de jaren waarin u de investering gebruikt, zodat de boekwaarde elk jaar daalt. Hoe korter die afschrijvingsperiode, hoe groter het bedrag dat u jaarlijks als kost kunt aftrekken.
-
In principe wordt een meerwaarde bij verkoop van privévastgoed niet belast
De nieuwe meerwaardebelasting geldt alleen voor financiële activa en dus niet voor vastgoed. Verkoopt u als particulier een privépand met winst, dan blijft die meerwaarde in principe belastingvrij. Daarvoor moet het pand wel privé gebruikt zijn, moet u rekening houden met de minimale bezitstermijn en mag er geen sprake zijn van speculatie.