Gemeentebelasting: waar u woont op 1 januari bepaalt hoeveel u betaalt
De gemeentebelasting verschilt van gemeente tot gemeente en wordt elk jaar opnieuw vastgesteld. Waar u officieel woont op 1 januari van het aanslagjaar bepaalt welk tarief u betaalt.
De gemeentebelasting is een aanvullende personenbelasting. Ze wordt niet rechtstreeks op uw inkomen berekend, maar op het bedrag van uw personenbelasting, na aftrek van de belastingvrije som en eventuele belastingverminderingen. Op de personenbelasting die u betaalt op dividenden en interesten, is geen gemeentebelasting verschuldigd.
Elke gemeente in België bepaalt jaarlijks haar eigen tarief, dat voor aanslagjaar 2025 (inkomsten 2024) varieert van 0% (zoals in De Panne, Knokke en Koksijde) tot maximaal 9% (zoals in Mesen). Gemiddeld ligt het tarief rond de 7%. Uw fiscale woonplaats op 1 januari van het aanslagjaar is doorslaggevend voor het tarief: dit is doorgaans de gemeente waar u op die datum officieel gedomicilieerd bent (behoudens bewijs van het tegendeel door de fiscus).
Verhuist u in de loop van het jaar? Dan is het belangrijk te weten dat niet uw woonplaats tijdens het inkomstenjaar telt, maar waar u op 1 januari van het daaropvolgende jaar (nl. het aanslagjaar) bent ingeschreven. Stel, u verhuist op 15 december 2025 naar een andere gemeente: voor uw inkomsten van 2025 betaalt u het gemeentetarief van uw nieuwe woonplaats op 1 januari 2026.
-
Koopt u een nieuwe auto beter nog in 2026 dan in 2027?
Stel u wil een nieuwe auto aankopen of leasen voor uw onderneming (eenmanszaak of vennootschap). Kan u dit dan beter nog in 2026 doen of kan u fiscaal gezien evengoed wachten tot in 2027?
-
Wanneer heeft uw vennootschap recht op investeringsaftrek voor boekjaar 2026?
Doet uw kleine vennootschap een nieuwe investering, dan kan zij daarvoor onder bepaalde voorwaarden genieten van de investeringsaftrek. Wanneer moet die investering precies gebeuren om nog recht te hebben op de investeringsaftrek voor boekjaar 2026?
-
Winst toegewezen aan een liquidatiereserve
Om de correcte beslissingen te nemen tijdens en bij de afsluiting van boekjaar 2025, moeten drie vragen gesteld worden: 1. Vanaf welke tijdstip kunnen – eerder aangelegde – liquidatiereserves fiscaal voordelig uitgekeerd worden? 2. Vormt het een opportuniteit om liquidatiereserves vervroegd uit te keren? 3. Vormt het een opportuniteit om liquidatiereserves aan te leggen voor boekjaar 2025?